Als aan het begin of tijdens je rit het gele of rode motorcontrolelampje gaat branden, doe je het volgende:
Geel motorcontrolelampje:
- Als je geen veranderingen merkt in het rijgedrag of rijgeluid, neem dan direct contact met ons op via de contactgedeelte. We verwijzen je naar de dichtstbijzijnde werkplaatsen en laten het voertuig controleren.
⚠️Je mag maximaal 250 km rijden. - Als er veranderingen in het rijgedrag of de rijgeluiden optreden, neem dan contact op met de mobility-service.
Rood motorcontrolelampje:
- Als het motorcontrolelampje rood brandt en/of knippert, moet je meteen stoppen!
- Neem direct contact op met de mobility-service.